Aanpak voor veilige waterkeringen in een veranderend klimaat
Het klimaat verandert: droogte en extreme neerslag nemen toe, de bodem daalt en waterkeringen als dijken en kades komen onder druk te staan.
Daarom kiezen de provincies Utrecht, Noord-Holland en Zuid-Holland voor een nieuwe aanpak die waterveiligheid aantoonbaar op orde houdt met realistische en strak gemonitorde afspraken met waterschappen.
Waterkeringen beschermen gebieden tegen overstromingen. Voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld dammen, sluizen of duinen. In Utrecht zijn de meeste waterkeringen dijken en kades. Waterschappen werken aan de veiligheid daarvan en provincies houden daar toezicht op. Voor de komende jaren hebben de drie provincies gezamenlijk afspraken gemaakt over de manier waarop dit gebeurt. In Utrecht geldt dit voor de waterschappen Rivierenland, Amstel, Gooi en Vecht en Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden.
Geen vaste deadlines, maar maatwerk
Daarbij is gekozen voor maatwerk en geldt niet voor alle gebieden dezelfde planning. In plaats van één deadline voor waterschappen in 2030, komen er termijnen per gebied. Zo sluit de planning beter aan bij de situatie en opgave in ieder gebied. Gedeputeerde Water en Bodem Has Bakker: “Waterveiligheid is niet af te meten aan het halen van een deadline. We hebben te maken met omstandigheden die veranderen, bijvoorbeeld door droogte die we deze zomer hebben gezien. Daarom is het belangrijk dat we goed blijven kijken naar de staat van onze keringen en doen wat nodig is om ze veilig te houden.”
Strakke monitoring en extra maatregelen waar nodig
De aanpassing in de werkwijze is bedoeld om waterveiligheid zeker te stellen in een tijd van toenemende schaarste, klimaatdruk en uitvoeringsproblemen. Dat betekent niet dat de eisen voor veiligheid lager worden.
Waterschappen blijven verantwoordelijk voor veilige dijken en kades. Zij bekijken steeds waar de grootste risico's zijn, controleren alle regionale keringen minimaal één keer tussen 2025 en 2036 en rapporteren elk jaar hoe het gaat met de veiligheid van de keringen en de verbeteringen. Wanneer risico's ontstaan door droogte, bodemdaling of andere oorzaken, dan nemen waterschappen maatregelen. Bijvoorbeeld door extra controles, tijdelijke versterkingen of het ophogen van lage plekken.
Samenwerken over provinciegrenzen heen
Bovendien stopt waterveiligheid stopt niet bij de provinciegrens. In West-Nederland werken waterschappen bovendien in meerdere provincies. Daarom is het belangrijk dat Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht hun beleid, toezicht en afspraken goed op elkaar afstemmen. Zo wordt voorkomen dat een waterschap met verschillende provinciale afspraken te maken krijgt en houden de provincies gezamenlijk zicht op de veiligheid en voortgang. Daarbij wordt rekening gehouden met de tijd die nodig is voor vergunningverlening, uitvoering van werkzaamheden en de beschikbaarheid van personeel.
Met deze afspraken houden provincie en waterschappen samen grip op de voortgang én op de veiligheid. Die samenwerking is belangrijk nu de omstandigheden veranderen. Door klimaatverandering, droogte, extreme neerslag, en bodemdaling zijn de functies van waterkeringen steeds meer met elkaar verbonden. Door kennis, monitoringsgegevens te delen en afspraken te maken, kunnen de provincies en waterschappen sneller inspelen op risico's en tegelijkertijd ruimte bieden voor maatwerk in het gebied.