Liefst drie van de vier Amsterdamse doelpunten waren het rechtstreekse gevolg van een afgemeten voorzet. Nick Viergever en Ricardo Kishna (tweemaal) werden in stelling gebracht vanaf de zijkant en maakten daar dankbaar gebruik van.
Ze zijn essentieel voor het Ajax-systeem: flankspelers die de achterlijn halen en vanaf daar een medespeler weten te vinden. Frank de Boer merkte na de winterstop dat zijn team daar tekortschoot en schoof Lasse Schöne door naar de punt van de aanval, waarmee de Deen plaatsmaakte voor Anwar El Ghazi om over de flank te razen.
Tegen Vitesse (1-0 nederlaag) opereerde Schöne voor het laatst vanaf de zijkant, met collega Kishna aan de overzijde. Het resultaat in de vorm van voorzetten was bedroevend. Geen van de twaalf pogingen om vanaf de zijkant een medespeler te bereiken waren succesvol. Een slagingspercentage van nul dus.
Vier dagen na die zeperd in Arnhem greep De Boer in en kregen Kishna en El Ghazi de kans tegen AZ. Onmiddellijk nam het slagingspercentage toe, al waren de vijf geslaagde voorzetten uit dertien pogingen nog niet om over naar huis te schrijven. Ajax kwam in eigen huis niet tot scoren.
Hoe belangrijk de aanvoer vanaf de zijkant is werd vandaag (zondag) duidelijk. Met wederom Kishna en El Ghazi in de basis bereikten negen van de achttien voorzetten hun bestemming. Drie daarvan eindigden in een doelpunt.