De man was arbeidsdeskundige en begeleidde het slachtoffer tijdens haar reïntegratietraject. Tijdens het traject kwam naar voren dat de vrouw een trauma had doordat zij in het verleden seksueel is misbruikt. Na het reïntegratietraject wilde de verdachte het slachtoffer bij haar thuis van haar trauma afhelpen. De verdachte is zich vanuit zijn eerdere functie als arbeidsdeskundige gaan gedragen als traumabehandelaar, terwijl hij hiervoor geen deskundigheid had. Hij wekte het vertrouwen van het slachtoffer en verrichtte ruim een jaar ontuchtige handelingen bij haar. Ondanks dat de man wist dat de vrouw herbelevingen had van de periode waarin ze was misbruikt, bleef hij doorgaan met het verrichten van ontuchtige handelingen.
De rechtbank rekent het de verdachte vooral aan dat hij, ook als hij nu terugkijkt, meent dat zijn goede intenties vooropstaan. Ook ziet de man maar slechts gedeeltelijk in dat hij fout zat. Het gaat om een ernstig feit en de rechtbank vindt dat daar alleen een gedeelte onvoorwaardelijke gevangenisstraf bij past. De rechtbank heeft wel een lagere gevangenisstraf opgelegd dan de officier van justitie was geëist omdat niet bewezen kon worden dat de verdachte de vrouw, naast het verrichten van ontuchtige handelingen, heeft verkracht. Als de man binnen twee jaar een strafbaar feit pleegt, loopt hij het risico alsnog de voorwaardelijke zes maanden gevangenisstraf uit te moeten zitten.